Lavas heeft een geur en smaak die aan het bruin-gele flesje naast de soep van vroeger doet denken; vandaar zijn geuzennaam ‘Maggikruid’. Doe lavas dus zeker in de soep, maar probeer ook een van deze recepten met het kruid.
De natuurlijke Maggi! Lavasblaadjes lijken een beetje op bleekselderij en op grote peterselie: ze zijn groen, plat en hebben zachte kartels. De plant kun je goed houden in je eigen tuin en is een snelle groeier. Al in de vroege lente kun je voor het eerst oogsten.
Hoe smaakt lavas?
Een beetje bouillon-achtig, hartig, het heeft iets weg van selderij (maar dan véél sterker) en het is net als zout een smaakversterker. Lavas is geen verlegen kruid, en kan een heel gerecht op smaak brengen. Probeer zeker aardappelsoep met lavas.
Eet hem helemaal!
Wist je dat je de hele lavasplant kunt eten? De stengels en steeltjes zijn geschikt om te koken of stomen als groente, en van de bladeren en stengels kun je thee maken. Lavas helpt bij keelpijn en spijsverteringsproblemen, werkt eetlustopwekkend – gebruik hem dus zeker in voorgerechten en amuses – en zou reumatische pijnen verlichten. In de herfst oogst je de wortel, die fijngemalen als aroma in soep of thee gebruikt kan worden.
Waar koop je verse lavas?
In ieder geval niet in de supermarkt. Vaak heb je geluk op de biologische markt, als er een kruidenkraam aanwezig is zoals BelleMarie (daar kun het sowieso kopen) of bij een gespecialiseerde groothandel zoals de Hanos of De Kweker. Echte lavas-fans raden we aan om zelf een plant te groeien.
Bewaren
Om langer te genieten van lavas kun je er groene olie van maken (erg populair in de horeca), of de blaadjes drogen of invriezen. De bladeren kunnen rechtstreeks in de vriezer, of je dompelt ze eerst onder in wat heet water (blancheren) zodat de smaak beter behouden blijft. Stop in een diepvrieszakje en breek steeds af wat je nodig hebt.
Wat maak je met lavas?
Lavas is heerlijk in de snert, stamp of in stoofschotel en verrukkelijk als soep. Droog de blaadjes en meng met zout voor je eigen aromat, of draai het op met olie en lepel over romige dips, mosselen en bonen. Lavas past bij vrijwel alles waar een sterke bleekselderij ook op zijn plaats zou zijn. Denk aan gerechten met worteltjes, kip, eieren, lamsvlees, oesters en andere schaaldieren, en aardappels.
Nog even over het flesje Maggi
Bij grootouders staat het nog steeds op tafel: het bruine maggiflesje met de lange hals en het gele etiket waar soep, stoof en aardappels ruim mee worden besprenkeld. Deze smaakmaker lijkt zo ontzettend Nederlands, maar is van oorsprong Zwitsers. Het eerste flesje werd in 1868 geproduceerd in Zwitserland door Julius Maggi, die ook de bedenker is van het bouillonblokje.
De smaakmaker werd in Nederland zo populair dat het kruid lavas, dat overigens geen ingrediënt is, de bijnaam maggikruid kreeg omdat het zo naar die smaakmaker ruikt. Maggi bestaat voornamelijk uit enzymen, tarwegluten, smaakversterkers, gist-extract, zout en aroma’s. Wil je niet zoveel toevoegingen in je eten, strooi dan eens wat fijngesneden lavas over je eten.
Maak ook eens: lamsbout met lavendelhoning