nr.1 foodmagazine

suzanne flext

Share on pinterest
Share on facebook
Share on twitter
Share on whatsapp

Suzanne The‘Dit jaar was ik in Frankrijk op vakantie. Ik googelde een lekker vakantiehuis en kwam uit in de schitterende MidiPyrénées. Dat is een streek waar het barst van de foie gras, het limousinrundvlees en allerlei onderdelen van de canard. Daar kwamen nog de poulets roti, saucissons en eindeloze charcuterie bij die je doorgaans in heel Frankrijk vindt.’

We gingen los en lieten het schuldgevoel maar even het schuldgevoel. We aten krokante kippen van de houtskoolgril, testten uitgebreid de droge worstjes en ik at meer confit de canard dan vermoedelijk goed voor me is. Ja, ik lette wel op biologisch en op het Label Rouge-keurmerk en liet de foies staan. Want die mooie koeien, talloze eenden, ganzen en varkens gun ik wel de beste omstandigheden die ze kunnen krijgen.

En toch.. na een goede week kocht ik witlof, bergen courgettes en aubergines en kwamen er gaandeweg meer salades op het menu. Het werd mijn obsessie om de beste vinaigrette ‘ever’ te maken. We aten salade vertes met geurige, geroosterde walnoten, brokkelige stukken roquefort en verrukkelijke, frisse, super verse geitenkaasjes die ik kort in de pan bakte. En we tuigden la salade op met overgebleven plakjes worst, restjes confit of een crouton met een lik rillette.

Aanzienlijk minder vlees dus dan de fikse Toulouse saucisse van de bbq of de hele kippen die we de eerste week op onze borden legden. Eerlijk is eerlijk: we voelden ons meteen een stuk beter; geestelijk en lichamelijk. Ik dacht er over na en kwam tot een verrassende conclusie: al dat mooie vlees daar, ambachtelijk bereid en met zoveel zorg en Franse über-culikennis geproduceerd, krijgt in wezen veel méér de hoofdrol als je de hoeveelheden wat doseert. Je het laat prijken op die salade met die uiteindelijk fantastisch gelukte J vinaigrette. Het omringt met een keur aan verse groenten, mooie kleine linzen of sappig fruit. En ik weet niet hoe het met jou zit maar een klein, wellicht zelfs krenterig stukje vlees stouw je niet in een keer naar binnen, maar eet je met meer aandacht dan een stuk worst – hoe lekker ook – waar geen eind aan lijkt te komen. Mijn motto: minder vlees, het lijkt een straf, maar dat is het helemaal niet. Het is fijn(-)proeven.

Tekst: Suzanne The

Suzanne The